|
Anja Staring, directie
Informatievoorziening
Toen ze de vijftig al was gepasseerd
en in haar eigen ogen het predikaat 'oude taart' had
verworven, liet Anja Staring zich omscholen. Van
directiesecretaresse werd ze systeembeheerder. Een radicale
carrièremove - noodgedwongen, wegens het opheffen van haar
directie. Dit jaar wordt ze 65 en gaat ze met pensioen. Niet
van harte, zo benadrukt ze. 'Ik heb altijd geroepen: “Als ze
vergeten dat ik 65 word, dan zit ik hier op mijn 70e nog.”'
'Ik heb me nooit senior gevoeld, ook
al zijn mijn collega's veel jonger. Heb nooit het gevoel
gehad dat ik niet meer meetelde. Al is mijn
uithoudingsvermogen in de loop der jaren verminderd, ik kan
nog net zoveel als anderen. Ik besef dat ik daarmee een
uitzondering ben. Wel merk ik dat mensen je afschrijven,
zodra bekend wordt dat je vertrekt. Dan kreeg ik tijdens
discussies te horen: 'Jaaa, maar dan ben je er niet meer.'
'Ben je belazerd,' zei ik dan. 'Ik ben voorlopig nog niet
weg, hoor.'
Starings boodschap aan BZK luidt dat,
als je dan toch ouderen aan je wilt binden, houdt dan ook
rekening met diegenen die wel willen blijven doorwerken. 'Je
mag er wel eerder uit, maar langer doorwerken mag niet. Ik
ben daar wel vóór, vooropgesteld dat je je taken voor de
volle honderd procent kunt uitvoeren.'
Inmiddels heeft ze zich bij het
onvermijdelijke neergelegd en is ze zich aan het voorbereiden
op het post-BZK-tijdperk. Zo gaat ze straks drie bridgeclubs
leiden, computercursussen geven aan ouderen en ook wil ze
eenvoudige programmaatjes schrijven voor vrienden en
bekenden. Een beetje eng vindt ze het wel. 'Je moet toch iets
totaal nieuws opstarten.' Dat ze BZK zal missen, staat wel
vast. Maar medelijden hoeven we niet te hebben. 'Ik heb meer
te doen met mensen die eerder stoppen met werken. Want als je
daarvoor kiest, heb je toch de laatste jaren niet echt met
plezier je werk gedaan. En dat kun je van mij niet zeggen.' |