Home Home Klaas Visser
 
 
Klaas Visser
    contact   sitemap    zoek 
Prive
Werk
Klein Leed
Design
Klik
Top
Klaas Visser Maybe I'm a rolling stone / Who won't amount to much /
But everything that I hold dear / Is close enough to touch - Elvis Presley
         

Na 5'en


Elke middag tussen 5 en 6 uur ondergaat het bestuursdepartement een metamorfose. Honderden ambtenaren wurmen zich door de draaideuren naar huis en laten een ministerie achter dat, van buiten tenminste, een uitgestorven indruk maakt. Maar niet overal is het stil. Her en der in het pand zijn mensen actief. Een reportage over het Justitiebedrijf na vijven


Dinsdagavond, 18.00 uur
'Vierenveertig centimeter, dat kan toch niet?'
‘Ja, echt, kijk maar.’
‘Nee joh, laat mij zelf maar even meten.’
Op de meldkamer is alles uiterst rustig zo vroeg in de avond. De enige opwinding hier op de vierde verdieping middenbouw wordt veroorzaakt door het jaarlijkse kledingonderzoek. De medewerkers moeten hun kledingmaten opgeven aan het Korps Landelijke Politiediensten, dat de bedrijfskleding levert. Het korps heeft een kleurige catalogus samengesteld, waaruit teamchef Joop Jongbloed een keuze probeert te maken. Centralist Arie de Jong meet de omtrek van Jongbloeds nek, maar die doet het liever zelf.
‘Zie je wel, 41 centimeter. Ik dacht al: drie centimeter gegroeid in een jaar tijd, dat kan niet.’


18.30 uur
In kamer H1.49 zitten drie mannen ingespannen naar enkele beeldschermen te turen. Het zijn Sunny Kalicharan en Philip Heijman van technisch netwerkbeheer en een medewerker van de leverancier. Er zijn problemen: het computersysteem vertoont kuren. Sommige ambtenaren kunnen niet printen en mailen of kunnen niet op hun H-schijf. Dc oorzaak blijkt lastig te achterhalen. ‘Gisteravond zat ik hier ook. Ik dacht het probleem te hebben opgelost, maar vandaag ging het weer mis,’ zegt Heijman.  ‘Het is vannacht een latertje geworden. Het was al licht toen ik thuis kwam. Ik hoop dat we vanavond eerder naar huis kunnen.’
   Kalicharan worstelt met een vergelijkbaar probleem. Alleen doet dit zich voor op de Terminal Noord, bij de Dienst Justitiële Inrichtingen. Het is niet duidelijk of er een verband bestaat met het netwerk-defect bij Justitie. Kalicharan had normaal gesproken om vier uur naar huis gekund. Vindt hij overwerken vervelend? ‘Ach, het hoort er een beetje bij als je voor automatisering kiest.’


19.00 uur
Een verdieping lager zit Cees van der Male achter zijn bureau. Hij is namens het schoonmaakbedrijf Lavold eindverantwoordelijk voor de schoonmaak in het hele pand. Aan de muur achter hem hangt een lijst met kaartjes met de namen van de avondploeg. Vijfentwintig namen, twaalf nationaliteiten.
   Van der Males dienst loopt tot half acht. Parttime-werk. Overdag heeft hij een andere baan en om vijf uur gaat hij direct door naar Justitie. Eten doet hij pas om een uur of acht.  ‘Nee, dat is voor mij geen probleem. Zo is mijn leefpatroon, ik doe het al jaren zo. Ik zou ook niet anders kunnen. Vorig jaar ben ik ziek geweest. De hele dag stilzitten. Vreselijk. Ik zou het niet uithouden.’

'De maandag na Koninginnedag was ook vreselijk. Dan liggen er van die keiharde plakkaten. Dat zijn de smerige klusjes.'

Op de meldkamer belt de staatssecretaris van Economische Zaken voor minister Korthals. Centralist Hennie Verkerk handelt het telefoontje af.  ‘Op sommige dagen word je helemaal gek gebeld,’ legt Verkerk uit.  ‘Een paar weken geleden, toen de eerste vlucht met Kosovaren aankwam bijvoorbeeld. Of tijdens de Koerdische gijzeling in de Alexanderstraat. Dan belt iedereen hier naar toe, pers, politie, noem maar op. En al die mensen moeten wij doorverwijzen of in contact brengen met de piket-ambtenaar. Dan stormt het, zo noemen wij dat.’
   Ook komen vaak telefoontjes binnen van verwarde rnensen. Vaste klanten, die altijd vriendelijk te woord worden gestaan, ook al zijn hun gesprekken nog zo onzinnig. De Barones bijvoorbeeld, die geregeld allerlei complottheorieën doorbelt. Of Nootje, een andere trouwe beller.  ‘En het gekke is, als je dan zegt: ‘Ik heb het zo druk,’ dan respecteren ze dat. Dan merk je toch dat je een soort vertrouwensrelatie hebt.’


19.30 uur
De schoonmakers komen de personeelsruimte van Lavold binnenwaaien. Het zit er weer op voor vandaag. Tenue uit, jas aan, hup, naar huis. Monique van der Geld heeft net de zestiende verdieping gestoft, gezogen en opgeruimd. Veertig kamers in twee uur tijd.  ‘Sommige karners zijn schoon als ik binnenkom, andere minder. Maar over het algemeen zijn ambtenaren vrij netjes. Schoonmaken is dankbaar werk. Vooral als je een complimentje krijgt, hoewel dat niet zo vaak voorkomt. Nee, ik vind het werk zeker niet smerig. Thuis doe ik toch dezelfde dingen?’
   Het is waar, zegt Van der Male, de smerigste karweitjes zijn niet voor de avondploeg, maar moeten  's ochtends gebeuren, buiten. Vooral de maandagochtend is berucht.  ‘In de weekenden hangen vaak zwervers en junks in de corridor. Die poepen en piesen in alIe hoeken. De dagploeg moet dat dan opruimen. De maandag na Koninginnedag was ook vreselijk. Mensen drinken zich dan helemaal lam, geven over, en vervolgens droogt dat braaksel het hele weekend in. Dan liggen er van die keiharde plakkaten. Dat zijn de smerige klusjes.’

 
20.00 uur
 ‘Ik weet niet wat ik heb. Niets lukt.’ Een diepe zucht klinkt op in het bruine café op de tweede etage. Daar oefent De Nieuwe Haven, de biljartclub van medewerkers van Justitie en Binnenlandse Zakeo. Elke dinsdagavond, vaste prik, van zeven tot elf. Libre klein beet de spelsoort en niet alle caramboles willen vanavond lukken. De Nieuwe Haven telt dertien leden, maar niet iedereen is aanwezig. De campings zijn weer open, he, dat merk je gelijk in de belangstelling, zegt secretaris Piet Hartman ter verklaring. Zelfs Philip van der Linden, de speler met het hoogste moyenne, laat het vanavond afweten. Vreemd is het wel, een typische cafe-sport die beoefend wordt in een leeg en stil kantoorgebouw.  ‘Integendeel,’ zegt Hartman, ik ben juist bij deze club gekomen omdat ik niet in een cafe wilde spelen. Je kunt je hier veel beter concentreren.’

21.00 uur
 ‘Kijk, daar gaat iemand naar binnen.’ Centralist Arie de Jong wijst naar het scherm op zijn computer. Daarop is een groen pijltje te zien. Dat betekent dat iemand met een geldig pasje een ruimte in het Nieuw Centrum-gebouw betreedt. Zou het een verkeerd pasje zijn, dan was de pijl rood gekleurd en was iemand van de beveiliging even gaan kijken.

'Het klinkt misschien gek, maar het is heel prettig werken zo, in de avond.'

Het geavanceerde pasjessysteem is nog niet in aIle andere delen van het departement ingevoerd. In Nieuw Centrum hangen ook overal bewegingsmelders. Die laten zien in welke gangen ambtenaren lopen.  ‘Daarom is het voor ons handig als een ambtenaar doorgeeft dat-ie overwerkt,’ zegt De Jong.  ‘Dan weten we of een bepaalde beweging verdacht is of niet.’ Hij pakt de lijst erbij. Op dat moment werken er zo’n 25 mensen over.
   Op de gang op de negende verdieping is het doodstil. Alleen in kamer H9.07 heerst enige activiteit. Lonny van der Boor werkt in alle rust achter haar computer. Ze is secretaris van het periodiek overleg tussen minister en het college van PG’s. Morgenochtend staat het stuk waar ze zo driftig aan werkt, op de agenda.  ‘Normaal zou ik het al af hebben. Maar door alle vrije dagen van de afgelopen tijd, moeten minder mensen hetzelfde werk in minder tijd doen. Daar zijn we niet op berekend. Bovendien ging het netwerk de afgelopen dagen een paar keer plat.’
    ‘Het klinkt misschien gek, maar het is heel prettig werken zo, in de avond. Overdag gaat vaak de telefoon of komt iemand binnenlopen. Nu kan ik me lekker concentreren. Het moet niet te gek worden natuurlijk. Zo nu en dan overwerken vind ik geen probleem, maar de balans tussen privé en werk moet niet doorslaan.’
Hoe is het nu met die balans?
‘Tja, laat ik het zo zeggen: Ik zie dat bij veel mensen de werkdruk heel hoog is.’

22.00 uur
Terug in de meldkamer. Nog steeds valt er weinig te beleven. De camera’s draaien, maar tonen geen inbrekers of ander ongewenst bezoek. Verveling? ‘Welnee,’ zegt teamchef Jongbloed. ‘Als het altijd zo zou zijn, dan wel ja. Maar je weet nooit wat er gaat gebeuren. Dat is ook het leuke aan dit vak, de spanning dat je niet weet wat je te wachten staat.’

22.45 uur
Theo de Man kijkt onderzoekend om zich been, terwijl hij de zeventiende verdieping door loopt. Al 21 jaar doet hij dit beveiligingswerk op het ministerie. Deuren controleren, kijken of radio's en koffiezetapparaten uitstaan, of archieven op slot zijn en of er geen vertrouwelijke rapporten op de bureaus liggen. Van sleur wil hij niet weten. ‘De ene keer loop ik linksom de verdieping over, de andere keer rechtsom. Dan begin ik op de even nummers, de dag erna op de oneven. Zo voorkom je dat je gemakzuchtig wordt en dingen over het hoofd ziet. De Man heeft alles meegemaakt in die 21 jaar. Branden, bomaanslagen, je kunt het zo gek niet bedenken. Toch is het aantal incidenten de laatste jaren verminderd. ‘Dat komt vooral door de verhuizing van de Immigratie- en Naturalisatiedienst naar de Terminal. Vroeger lag je nog wel eens met zijn vieren over de vloer te rollebollen, bijvoorbeeld als een bezoeker moeilijk deed. Dat is tegenwoordig niet meer zo.’ De Man verzucht: ‘Soms zou ik wel wat meer actie willen.’

'De ene keer loop ik linksom de verdieping over, de andere keer rechtsom'

En Pieter Storms - de nachtmerrie van elke bewaker - hoe zit het daarmee? Is die wel eens langs geweest? ‘Nou en of, maar niet als ik dienst had. Maar was ik erbij geweest, dan had ik hem getackled, al was-ie nog zo vasthoudend. Storms was er bij mij niet doorgekomen.’

23.30 uur
Het is bijna middernacht als Lonny van der Boor nog steeds op haar kamer aan het zwoegen is. Met het zoveelste bekertje koffie houdt ze zichzelf wakker. Ze heeft flink kunnen doorwerken de afgelopen uren. ‘Ik ben nu bijna klaar,’ zegt ze opgelucht. ‘Nog een kwartiertje, schat ik. Dan gauw de tram halen en dan ben ik om kwart over twaalf thuis.’

CV
VERZAMELDE WERKEN
 
 
 
 
 

privé | werk | klein leed | design | klik | top